Hoogleraar sterrenkunde Ralph Wijers heeft op persoonlijke titel en zonder bestuurlijke pretentie een mail gestuurd aan zijn collega’s waarin hij een pleidooi houdt vóór de Amsterdam Faculty of Science (AFS). Alle kritische geluiden van bestuurders en medezeggenschap ten spijt moet die er toch echt komen, schrijft hij in een tweetalige mail. For English, see link below.

‘We hebben met de AFS een unieke kans om in Amsterdam iets van betekenis te bereiken. Dat kunnen we aan, als we de ambitie hoog houden en tegelijk bedachtzaam te werk gaan. Maar dan moeten we nu doorpakken, en niet bang zijn. Topprestaties vergen talent, moed, moeite en tijd, daar moeten we vol voor gaan. Laten we dat samen doen, voor nog beter onderwijs en onderzoek.’

Ralph Wijers

Dit schrijft hoogleraar Wijers van het Sterrenkundig Instituut Anton Pannekoek in een mail aan zijn collega’s. Hij vindt het jammer dat de positieve kanten van de voorgenomen samenwerking tussen de drie bètafaculteiten van UvA en VU in de debatten tussen bestuur en medezeggenschap ondergesneeuwd dreigen te raken. ‘Het is gemakkelijk om op de AFS ­ambitie te schieten en dat wordt nu ook veelvuldig gedaan. We doen het graag en veel in Nederland: wat boven het maaiveld uit wil steken kort houden, spotten met ambitie, doe maar gewoon. Maar door zo te maaien doen we onszelf tekort en ondertussen halen de buren ons vrolijk in,’ schrijft hij met een knipoog naar buurland Duitsland waar ambitie wel wordt gewaardeerd en gehonoreerd.

Amsterdam is in internationaal perspectief volgens Wijers weliswaar een academische hoogvlakte ‘maar wat mij betreft kan Amsterdam meer zijn: boven die hoogvlakte uit steken.’ Wijers meent dat de drie bètafaculteiten internationaal het verschil kunnen maken als ze samengaan en vergelijkt de potentie van de AFS met prestigieuze buitenlandse instituten. ‘De eerstejaarsklassen van Oxford, MIT en Harvard hebben honderden studenten, doorgaans meer dan de equivalente studies van UvA en VU nu samen hebben.’

Bruisender
Aan die internationale instituten van naam en faam is de sfeer onder de studenten – weet Wijers uit eigen ervaring – ‘bruisender, breder, ambitieuzer en aantrekkelijker voor zowel de studenten uit het eigen land als van daarbuiten’. En dat werkt volgens hem als een magneet voor nog meer talent, voor docenten en studenten. ‘En dat wil ik voor Amsterdam ook. En om meteen een misverstand weg te poetsen: topplekken zijn meestal niet klein.’

Die hoge doelstelling is alleen te bereiken bij een bundeling van krachten, betoogt Wijers. ‘In Amsterdam is plaats voor twee subtoppers, maar niet voor twee toppers. Om topper te worden kunnen we ofwel de ander kapot proberen te maken, ofwel de handen ineen slaan. Dat laatste is beter, veel beter. UvA en VU zijn anders, iedereen weet dat, en studenten kiezen soms bewust voor de een of de ander, maar uiteindelijk is concurreren tussen de bèta’s van Zuidwest en Zuidoost klein geneuzel op de grote schaal der dingen. Daar moeten we onze energie niet aan verspillen, want dan houden we elkaar klein.’

Zie hier voor de integrale tekst van de mail - also in English - die Ralph Wijers  rond stuurde.