Weekgast Annelies Dijkstra

Annelies Dijkstra is eerste pedel van de Universiteit van Amsterdam. Ze begeleidt de academische plechtigheden (promoties, oraties, dies natalis) die plaatsvinden in de Aula en de Agnietenkapel, en wordt daarbij ondersteund door de medewerkers van het bureau van de pedel. Daarnaast beheert het bureau de agenda van beide locaties voor andere aktiviteiten, zoals de opening van het academisch jaar, lezingen, afscheidscolleges etc.
Deze week staat in het teken van de 378ste geboortedag van de universiteit, de Dies Natalis, die op vrijdag 8 januari in de Aula wordt gevierd.
Vrijdag 8 januari
De ochtend gaat voorbij met de laatste voorbereidingen, om 13.00 uur verkleden, en een uurtje later komen de eerste hoogleraren binnen. Ik vang ze op bij de achterdeur, in de togakamer staan Rob en Kitty klaar. Het is al snel drie uur, en volgens mijn aanwijzingen stelt de stoet zich vanuit de Senaatskamer op. Gelukkig gaat dat dit keer vrij snel en stipt op tijd gaan we lopen. Terwijl het orgel speelt schrijden we de kerk binnen, altijd weer een bijzonder gevoel. Ik wijs de eregasten hun plaatsen, de hoogleraren verspreiden zich over de rijen, en ik ga als laatste zitten. Na de openingstoespraak van de rector, de diesrede en de muziek hoef ik pas in actie te komen bij de uitreiking van de eredoctoraten. De promotor spreekt de officiële tekst uit, ik hang de cappa om de schouders van de eredoctor en de bul wordt getoond. Na het laatste onderdeel, de uitreiking van de Docent van het Jaarprijs, sluit de rector de Dies af, en leid ik het cortège naar de hal van het Maagdenhuis voor de receptie. Snel weer terug, toga uit, dan nog een fotosessie in de Senaatskamer. Weer naar het Maagdenhuis voor een drankje, tot we bedenken dat de vleugel nog van podium af moet, en in de aula aangekomen blijkt dat de hele aula nog opgeruimd moet worden. Snel met zijn drieën aan de slag, en om 19.00 uur kunnen we afsluiten. Het is weer gelukt dit jaar!
Donderdag 7 januari
We beginnen warm te draaien voor de Dies. Vandaag moet in de aula de vleugel worden geplaatst, voor de muziek, morgen. Er is op het podium geen plaats voor de vleugel. Maar in de zaal is ook niet geweldig. Bovendien staat de vleugel in de weg van de cameramensen van AVC. Ik weet zo gauw geen oplossing.
Tussen de bedrijven door bereid ik me in gedachten voor op het samenstellen van de stoet morgen: het is mijn taak om het cortège naar binnen te brengen. Om vanuit een overvolle Senaatskamer met druk pratende hoogleraren een ordelijke stoet te vormen is nog best een klus.
Aan het eind van de ochtend ga ik samen met Rob, de tweede pedel, naar de Agnietenkapel om leentoga’s op te halen. En de schoonmaak bellen om de pedelstaf te poetsen. Om 13.00 uur doorloop van de audiovisuele presentaties in de aula. Alles moet goed op elkaar aansluiten. Rob en ik gaan ondertussen de toga’s uitzoeken van de hoogleraren die zich voor het cortège hebben opgegeven. Die toga’s worden apart gehangen. Als het testen in de aula klaar is komt Werner van AVC naar me toe: kan de vleugel niet toch op het podium, links, onder het scherm? Laten we het maar uitproberen. Het blijkt een goed idee, er is genoeg ruimte over en iedereen is blij.
Ik ga bijtijds weg, morgen is er nog genoeg te doen.
Woensdag 6 januari
Om 10 uur afspraak met professor Hollak voor haar oratie. We eindigen in de aula om de presentatie te testen. Het is er koud, ondanks de vloerverwarming (onder de grafstenen zijn de beenderen sinds jaren vervangen door verwarmingsleidingen). Dan de bespreking met Loes van het Congresbureau over de VSNU-conferentie van volgende week woensdag. De conferentie bestaat uit plenaire zittingen in de aula en workshops in kleinere zalen. Wat dat betreft is het prettig dat de UB, het Aulacomplex en Spui 25 met elkaar verbonden zijn, alles kan onder een dak gehouden worden.
Tijdens de lunch met Helene het draaiboek voor de Dies doornemen. Eredoctor Karmiloff-Smith neemt gasten/hoogleraren mee, die moeten meelopen voorin de stoet; de eredoctor zelf komt met partner uit Engeland, hopen dat ze op tijd in Amsterdam zijn, met die barre weersomstandigheden daar.
Derde afspraak vandaag is voor instructie van Syllabus+. Daarna zou ik verder gaan met de voorbereidingen voor vrijdag, en mijn dagboek bijhouden, maar ik krijg alarmerende berichten over hevige sneeuwval en treinen die niet rijden. Dus om half 5 snel naar Centraal, geen treinen inderdaad, Marnixstraat dan, nee, ook geen bussen, weer Centraal, wel treinen maar de verkeerde kant op, dan maar via Schiphol – Leiden na drie uur eindelijk in Haarlem aangekomen.
Het is nu bijna middernacht, er staat nog steeds een file van 18 km rond Amsterdam. Ik kijk naar buiten…het is een wonderschone, witte wereld.
Dinsdag 5 januari
Onderuit met de fiets voor het Centraal Station, dus een nat pak, gevolgd door een sneeuwbui, en bij aankomst blijkt het netwerk plat te liggen. Niet echt een flitsend begin. Gelukkig eerst een paar afspraken. Om 10 uur een kandidate voor het pedelklasje, die in een klein uur instructie krijgt over de do’s en don’ts tijdens de promotieplechtigheid, en die ik een hart onder de riem probeer te steken. Meestal helpt het wel, een beetje.
Om 11 uur een afspraak met bijzonder hoogleraar Sikkel, die op 21 januari zijn oratie houdt. Na het testen van de techniek nemen we praktische zaken en protocol door. Interessant onderwerp, over ouderen, communicatie en consumentengedrag.
Dan komen de collega’s van het College voor Promoties langs, die de organisatie van de Dies voor hun rekening nemen. Ze komen de getekende bullen voor de eredoctoraten brengen, daar gaan we een lakzegel op plakken en een paar mooie bullendozen opscharrelen. Gelijk even kijken of er geen gaatjes in de cappa’s voor de eredoctores zitten. Eindelijk, om half 2 kan ik inloggen. Snel door de mail, morgenmiddag een afspraak voor instructie over Syllabus+, met als doel de agenda van Aula en Agnietenkapel te publiceren via het UvAweb. Het zou per 1 februari moeten werken. De rest van de middag bezig met mail en de financiële afronding van 2009.
Maandag 4 januari
Zowaar zonder vertraging Amsterdam bereikt met de trein. Vanaf het moment dat ik, ondertussen een jaar verder ons kantoor binnenstap, staat de telefoon roodgloeiend. Promovendi die een datum voor hun promotie willen reserveren, proefschriften willen langsbrengen, een afspraak voor het pedelklasje willen maken, enzovoorts. Ik loop een rondje door de Aula en aangrenzende vertrekken: mooi, de vloeren in de Senaatskamer, waar vrijdag de voorontvangst is, glimmen en geuren van de boenwas. Even koffie drinken met Roger, onze gebouwbeheerder. Hij zal zorgen voor de kledingrekken waar de toga’s voor vrijdag worden gehangen.
Ik ontvang net de voorlopige lijst met aanmeldingen van hoogleraren, toch alweer meer dan honderd. Er worden tijdens de Dies twee eredoctoraten uitgereikt, maar niet aan heel bekende personen, dus is de belangstelling wat minder groot. Sinds vorig jaar wordt tijdens de plechtigheid ook de Docent-van-het-Jaarprijs uitgereikt, dat heeft de boel wel levendiger gemaakt, en het is leuk dat de studenten er nu meer bij betrokken zijn.
Remco, onze technicus, belt vanwege mijn mail voor het doorspreken van de techniek voor vrijdag. Wanneer spreken we af? Woensdag na de afspraak met professor Hollak, die binnenkort haar oratie houdt, en voor de bespreking over de VSNU-conferentie volgende week. Donderdag komen de sprekers voor vrijdag testen, kortom: ik moet snel een lijstje voor de rest van de week maken!

















Karel van der Toorn is voor vier jaar herbenoemd als voorzitter van het College van Bestuur. Goed?

